trabajo solo
Nicaragua doet zijn best om de enorme milieuvervuiling tegen de gaan. Talloze borden in de steden en op de wegen er naartoe markeren dit beleid. Als je de eindeloze kilometers plastic afval naast de weg ziet, is het duidelijk dat ze met dit beleid nog in de kinderschoenen staan. Maar verander de mentaliteit van de inwoners (en van de producenten en consumenten, zoals ik die elke dag een plastic anderhalve-literfles in de vuilnisbak gooi) maar eens.
Een mooi voorbeeld van het beleid én van de uitvoering zag ik in het Parque Rubén Darió te Matagalpa, de zusterstad van Tilburg. Daar staan naast elkaar vier felgekleurde afvalbakken met daarboven de instructie in welke bak welk afval moet: papier, plastic, organisch en rest. Ik keek erin en zag dat er redelijk (nou ja!) was gescheiden. Toen kwam het vuilnismannetje met zijn kruiwagen, een grote schop en een zeer grote plastic vuilniszak. Met die schop vulde hij de vuilniszak met het afval uit bak geel. Daarna kwam bak rood aan de beurt en vervolgens bak groen en bak oranje. Alle afval in dezelfde zak. Daarna veegde hij de stoep onder de bakken schoon en het zag er allemaal weer picobello uit.
pienso
Over de stoffige zandvlakte vóór de kerk van San Juan Bautista in de wijk Santiavo van León fietst een oudere heer van A naar B. Op de stang van zijn herenfiets zit zijn vrouw; op de bagagedrager is een lege krat vastgebonden met een fietspomp erin. De man reist, weliswaar kort en in verband met zijn levensonderhoud, maar toch.
Onder de boom kijk ik toe en peins: ik reis ook: van A naar B naar Q. Ik reis vaak alleen en nagenoeg steeds uit luxe. En omdat het te warm is om verder te lopen peins ik verder over het alleen-reizen.
Als ik alleen reis, leef ik bewuster. Niets gaat op de automatische piloot. Ik lees onderweg veel; een deel van mijn bagage bestaat uit boeken. Ik schrijf wat en ik ben vooral noodzakelijkerwijze zeer actief in de organisatie van de reis. Maar vooral denk ik veel na over van alles en nog wat. Niemand die me dat belemmert.
Georganiseerde reizen – die ik ook wel maak, omdat ik ergens wil zijn, waar ik nagenoeg niet in mijn eentje kan komen – bieden deze ruimte veel minder. Als ik in georganiseerd verband reis (beter: als ik gereisd word), onderga ik de reis die voor me is uitgestippeld. In theorie kun je je op bepaalde momenten van de groep losmaken en je eigen route verder gaan, maar in de praktijk komt het er niet van. En je ervaringen deel je altijd, met de groep en in elk geval met je kamergenoot.
Alleen-reizen is – zeker in Centraal- en Zuid-Amerika – niet zonder risico. Maar als je voorzichtig bent, je vooral niet opzichtig gedraagt en je niet behangt met dure camera´s en zo, gaat het goed. En een enkele keer gaat het toch fout. Moet je vanwege dat risico met deze vorm van actief reizen stoppen? Ik heb steeds dat kleine risico ingecalculeerd. Voor mij is het de prijs van het ontdekkend reizen.

5 May 2010 at 13:30
Hallo Robert, ik ben net terug uit Bali en heb op mijn gemak je weblog gelezen: hartstikke leuk en uitnodigend om er ook naar toe te gaan, wie weet..!